Sjon de Haan, aanjager Waddenzee Werelderfgoed

Webredacteur Jelle Rijpma maakt een ronde langs de velden in het Waddengebied. Hij interviewt vertegenwoordigers van een bonte verzameling aan waddengerelateerde initiatieven en organisaties. Deze lopen uiteen van adviseurs, wetenschappers en bestuurders tot kunstenaars havenbazen of vissers. Dit resulteert in korte weergaven van uiterst diverse en soms verrassende ontmoetingen.

Als dertiende in de reeks: Sjon de Haan, aanjager Werelderfgoed Waddenzee

Datum: 1 december 2014

Sjon de Haan, aanjager Waddenzee Werelderfgoed

“Officieel heet de functie ‘coördinator werelderfgoed’ “, zegt Amelander Sjon de Haan, “maar aanjager is een betere term. Ik bedoel dan: aanjagen in de zin van opjutten. Ik moet ervoor zorgen dat anderen in de Waddenregio de status van Werelderfgoed gebruiken, beter benutten.

“Naast aanjager ben ik beleidsmedewerker toerisme op Ameland, vervolgt de Haan. “Vanuit die functie was het al duidelijk dat een aanspreekpunt voor de werelderfgoed-zaak ontbrak. Dat is er nu dus wel. Het leuke is dat beide functies elkaar overlappen, zeker wat netwerk betreft. De kennis die je opdoet kun je voor beide functies gebruiken. Wat een valkuil kan zijn? Misschien dat je in de brede functie van aanjager niet alles op Ameland moet betrekken. Aan de andere kant moet je er ook voor waken je ‘thuiseiland’ niet te kort te doen. Je ziet al te vaak scheidsrechterende vaders hun eigen zoontje benadelen om de schijn van partijdigheid weg te nemen.”

De Haan wordt ingehuurd door alle Waddengemeenten, zowel de kust- als eilandgemeenten, de drie Waddenprovincies en het ministerie van Economische Zaken. “In de samenwerking met Duitsland en Denemarken is EZ, als officiële siteholder,  erg belangrijk”, zegt de Haan. De drie landen hebben inmiddels een uitvoeringsplan gemaakt voor een duurzame toeristenstrategie. Uitgangspunt is toerisme met positieve gevolgen. De natuur en de  mensen in het gebied moeten er iets aan hebben, de bewoners en gebruikers worden centraal gesteld. Er zou wel wat meer geld achter kunnen blijven in het gebied. Of er verschillen zijn in benadering tussen de drie landen? Je ziet een aantal accentverschillen. Nederlanders zijn erg actief in natuurontwikkeling. Er is altijd wel iets met een project te realiseren. Duitsers gaan meer voor natuurbehoud. Het handhaven van de status quo.”

“De Werelderfgoedstatus is een enorme kans voor ondernemers. Je ziet wel dat de naam werelderfgoed gebruikt wordt in advertenties, maar er is bijna geen sprake van Werelderfgoed-arrangementen. Niet dat het makkelijk is hoor, voor ondernemers. Het wordt allemaal makkelijk gezegd, dat het beter moet. Het logogebruik van Waddenzee Werelderfgoed  is bijvoorbeeld maar beperkt toegestaan. Tegelijkertijd maken marketingorganisaties, die het logo wel mogen gebruiken er ook geen gebruik van. De vraag is altijd of je duurzaam genoeg bezig bent. Een pruttelmotortje achter een sloep past beter in het verhaal dan een powerboat. We moeten in ieder geval af van het idee dat het gebied overstroomd gaat worden met toeristen. Er is best ruimte voor meer genieters van het wad. Laten we eerst maar eens zorgen dat er wat meer mensen komen, zeker ook  aan de kust.”

Inmiddels is al veel gedaan aan publiciteit. Informatiezuilen, borden langs de wegen, publicaties, folders, en het jaarlijkse Werelderfgoedweekend. Zijn er al resultaten merkbaar? “Onlangs is er een onderzoek gedaan in opdracht van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Daar komt onder meer uit dat De Waddenzee het bekendste Werelderfgoed in Nederland is. Verder kent 90% van de Nederlands bevolking de Waddenzee, en 40% kent het als Werelderfgoed. Dat is best goed. Op de vraag of bezoekers ook bewust aandacht besteden aan de Waddenzee als werelderfgoed valt het percentage tegen. Slechts 20% besteed er bewust aandacht aan. Daar ligt een uitdaging.”

“De Waddenzee is een ijzersterke merknaam, daar kun je moeilijk iets aan verbeteren”, besluit de Haan. De vraag is: hoe maak je zichtbaar waarom het de status van Werelderfgoed heeft bereikt? Als je op de veerboot zit en het is hoogwater dan denk je: waarom is dit een Werelderderfgoed? Ik kan me best voorstellen dat het op dat moment voor velen niet meer is dan een grijze plas water. Je gaat het pas zien als je het getij beleeft. Het opkomen en afgaan van het water is een machtig schouwspel, het landschap en het leven dan te voorschijn komt is indrukwekkend. Dan zie je hoe het Wad leeft. Dat is genieten.”

www.waddenzeewerelderfgoed.nl

U kunt op dit interview reageren. Reacties worden gescreend op taalgebruik voordat ze gepubliceerd worden.

 

Waddenzee.nl maakt gebruik van cookies. Meer informatie Akkoord