Beleid

In de Derde Nota Waddenzee (februari 2007) is het rijksbeleid voor de Waddenzee voor de komende tien jaar vastgelegd. Voor de waterkwaliteit zijn de volgende beleidskeuzes gemaakt:

"De water- en bodemkwaliteit dient zodanig te zijn dat verontreinigingen slechts een verwaarloosbaar effect hebben op flora en fauna;
De belasting van de Waddenzee met verontreinigingen en nutriënten zal worden teruggebracht overeenkomstig het landelijk waterkwaliteits- en Noordzeebeleid.
"Er is speciale aandacht voor diffuse verontreinigingen en het (inter)nationaal beleid voor de lucht, de bodem en het water. Voor de lange termijn is het doel het bereiken van de streefwaarden voor water en bodem uit de Vierde Nota Waterhuishouding en het bereiken van een "goede toestand" op basis van de Kaderrichtlijn Water. In de planperiode van de Vierde Nota Waterhuishouding (tot 2006) wordt er naar gestreefd voor zoveel mogelijk stoffen de minimum kwaliteit (MTR) te realiseren. In samenspraak met provincies en gemeenten draagt het kabinet zorg voor een actueel en adequaat rampenplan om de kans dat verontreinigende stoffen in de Waddenzee en de daarmee in open verbinding staande havens terechtkomen tot
een minimum te beperken en bij calamiteiten effectief op te kunnen treden."

PKB gebied Derde Nota Waddenzee
PKB gebied Derde Nota Waddenzee

Doorwerking van de PKB-Waddenzee

Plannen, projecten of handelingen buiten het PKB-gebied, die schadelijke  effecten kunnen hebben voor de Waddenzee, dienen aan de hoofddoelstelling van de PKB te worden getoetst.
Dit is belangrijk voor zaken die met de waterkwalteit te maken hebben zoals:

  • baggerstort in de nabijheid van het PKB-gebied;
  • voorgenomen bedrijfsvestiging in de nabijheid van het PKB-gebied die een aantasting van de waterkwaliteit van de Waddenzee kan betekenen.

Lees verder over de PKB Waddenzee

Bron: InterWad, Rijkswaterstaat
Datum: 6 december 2007

 

Waddenzee.nl maakt gebruik van cookies. Meer informatie Akkoord